Overgang en overgewicht: oorzaken en aanpak
Overgang en overgewicht gaan voor veel vrouwen hand in hand. Tijdens de overgang veranderen hormoonspiegels, neemt de spiermassa af en verschuift de vetverdeling richting de buik. Dit samenspel van factoren maakt gewichtsbeheersing uitdagender, maar zeker niet onmogelijk. In dit artikel leest u waarom deze veranderingen optreden, welke rol hormonen spelen, wat bewezen effectief is om gezond gewicht te behouden en wanneer medicamenteuze ondersteuning of medisch advies zinvol is.
Samenvatting: Tijdens de overgang neemt gewicht toe door een combinatie van dalende oestrogeenspiegels, afnemende spiermassa en veranderingen in vetverdeling, waarbij vet zich vaker rondom de buik ophoopt.
- De overgang beïnvloedt vooral de vetverdeling (meer buikvet), niet zozeer het totale lichaamsgewicht; leeftijd en leefstijl zijn de grootste oorzaken van gewichtstoename.
- Dalend oestrogeen vermindert de insulinegevoeligheid en bevordert opslag van visceraal vet rondom de buik.
- Krachttraining en minimaal 150 minuten matig intensieve beweging per week zijn de meest effectieve leefstijlmaatregelen, conform de Beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad.
- Medicamenteuze behandeling (orlistat, semaglutide of tirzepatide) is pas een optie bij BMI 30 of hoger, of BMI 27 met comorbiditeit, na onvoldoende resultaat van leefstijlinterventies.
- Abdominaal vet na de menopauze verhoogt het risico op hart- en vaatziekten, metabool syndroom en bepaalde fracturen.
- Hormonale substitutietherapie (HST) is bedoeld voor overgangsklachten, niet voor gewichtsbeheersing, en wordt individueel beoordeeld door de huisarts of gynaecoloog.
Table of Contents
- Waarom komen veel vrouwen aan tijdens de overgang?
- Welke rol spelen hormonen bij gewichtstoename in de menopauze?
- Gezond gewicht tijdens de overgang: wat werkt er echt?
- Wanneer is medicamenteuze ondersteuning een optie bij overgewicht?
- Risico's van overgewicht rondom de menopauze voor hart en botten
- Scientific References
- Frequently Asked Questions
Waarom komen veel vrouwen aan tijdens de overgang?
Gewichtstoename tijdens de overgang ontstaat door dalend oestrogeen, afnemende spiermassa (sarcopenie), slaapproblemen en een verschuiving van vetverdeling naar de buik; leeftijd en leefstijl spelen de grootste rol.
Veel vrouwen komen aan tijdens de overgang doordat een combinatie van hormonale veranderingen, een lagere stofwisseling en veranderingen in leefstijl tegelijk optreedt. De overgang (climacterium) is de hele periode rondom de menopauze: de menopauze zelf is het tijdstip van de laatste menstruatie, dat achteraf wordt vastgesteld na twaalf maanden zonder menstruatie. Dit onderscheid wordt ook zo gehanteerd door de NHG-Standaard De overgang en Thuisarts.nl. De eierstokken maken in deze periode geleidelijk minder oestrogeen aan. De menopauze treedt gemiddeld op rond het 51e levensjaar, maar de aanloop (perimenopauze) kan al jaren eerder beginnen.[1][2]
Een belangrijke factor is de afname van spiermassa die met het ouder worden gepaard gaat, een proces dat medisch sarcopenie heet. Spierweefsel verbrandt in rust meer calorieën dan vetweefsel. Wanneer de spiermassa daalt zonder dat de voedselinname of het beweegpatroon wordt aangepast, kan dit bijdragen aan gewichtstoename. Onderzoek laat zien dat gewichtstoename rondom de middelbare leeftijd voor een groot deel samenhangt met leeftijd en leefstijl; de overgang zelf beïnvloedt vooral de vetverdeling in het lichaam, niet zozeer het totale gewicht.[3][4]
Daarnaast spelen slaapproblemen een rol. Opvliegers en nachtelijk zweten, die bij veel vrouwen in de overgang voorkomen, verstoren de slaap. Slaaptekort kan de hormoonhuishouding beïnvloeden en de neiging om meer te eten vergroten, terwijl de energie voor beweging afneemt. Stress en stemmingswisselingen, eveneens veelvoorkomend in de overgang, kunnen dit patroon verder versterken.
Tot slot verschuift de vetverdeling in het lichaam: vet wordt vaker opgeslagen rondom de buik in plaats van op de heupen en dijen. Dit zogenoemde abdominale of viscerale vet is niet alleen zichtbaar, maar ook metabolisch actiever en brengt extra gezondheidsrisico's met zich mee.
| Factor | Mechanisme | Gevolg voor gewicht of vetverdeling | Aanbevolen aanpak |
|---|---|---|---|
| Daling oestrogeen | Verminderde insulinegevoeligheid, veranderde vetopslag | Meer visceraal vet rondom de buik, verstoorde bloedsuikerregulatie | Leefstijlinterventie, overleg huisarts over HST bij klachten |
| Afname spiermassa (sarcopenie) | Spierweefsel verbrandt meer calorieën in rust dan vetweefsel | Lagere stofwisseling, risico op gewichtstoename bij gelijkblijvende inname | Krachttraining minimaal 2 keer per week, conform Beweegrichtlijnen Gezondheidsraad |
| Slaapproblemen (opvliegers, nachtelijk zweten) | Slaaptekort verstoort hormoonhuishouding en verhoogt eetlust | Hogere calorie-inname, minder energie voor beweging | Slaaphygiëne verbeteren, bij ernstige klachten overleg met huisarts |
| Verhoogd cortisol door stress | Cortisol stimuleert opslag van visceraal vet en verhoogt eetlust | Meer buikvet, voorkeur voor koolhydraatrijke voeding | Stressreductie, voldoende beweging, psychosociale ondersteuning |
| Relatief hogere androgeenverhouding | Verschuiving oestrogeen/androgeen-balans bevordert abdominale vetopslag | Vetopslag verschuift van heupen en dijen naar buik | Aerobe beweging en krachttraining, Schijf van Vijf als voedingsbasis |
| Hypothyreoïdie (trage schildklier) | Neemt in frequentie toe met leeftijd, niet veroorzaakt door overgang | Vermoeidheid, kouwelijkheid en gewichtstoename mogelijk | Schildklierfunctie laten controleren via huisarts, conform NHG-Standaard Schildklieraandoeningen |
| Onvoldoende beweging en voeding | Leefstijlfactoren versterken hormonale veranderingen | Gewichtstoename en verhoogd risico op metabool syndroom | GLI via huisarts, minimaal 150 minuten matig intensief bewegen per week |
Welke rol spelen hormonen bij gewichtstoename in de menopauze?
Dalend oestrogeen vermindert de insulinegevoeligheid en bevordert buikvetopslag; ook relatief hogere androgenen en verhoogd cortisol bij stress dragen bij aan veranderingen in vetverdeling.
De daling van oestrogeen is een belangrijke hormonale factor bij de verandering van vetverdeling tijdens de menopauze. Oestrogeen beïnvloedt niet alleen de voortplanting, maar ook de stofwisseling, de insulinegevoeligheid en de manier waarop het lichaam vet opslaat. Wanneer de oestrogeenspiegel daalt, kan de insulinegevoeligheid afnemen, wat betekent dat cellen minder efficiënt reageren op insuline. Dit kan bijdragen aan een verstoorde bloedsuikerregulatie. De totale gewichtstoename rondom de menopauze hangt echter voor een groot deel samen met leeftijd en leefstijl; de overgang beïnvloedt vooral de vetverdeling, waarbij vet zich meer rondom de buik ophoopt.[3][4]
Naast oestrogeen daalt ook progesteron. Bij sommige vrouwen kan dit gepaard gaan met een gevoel van een zwaarder of opgezwollen lichaam, al is de relatie tussen progesteron en vochtretentie fysiologisch niet eenduidig. Tegelijkertijd stijgt bij sommige vrouwen de verhouding van androgenen (mannelijke geslachtshormonen) ten opzichte van oestrogeen relatief, wat de vetopslag rondom de buik kan bevorderen.
Het hormoon cortisol, dat vrijkomt bij stress, speelt eveneens een rol. Chronisch verhoogde cortisolspiegels kunnen de opslag van visceraal vet stimuleren en de eetlust verhogen, met name voor koolhydraatrijke voeding. Omdat de overgang voor veel vrouwen een stressvolle levensfase is, kan dit mechanisme bijdragen aan veranderingen in gewicht en vetverdeling.
Tot slot neemt hypothyreoïdie (een trage schildklier) in frequentie toe met de leeftijd, maar wordt niet veroorzaakt door de overgang zelf. Bij aanhoudende klachten zoals vermoeidheid, kouwelijkheid en gewichtstoename zonder duidelijke oorzaak is het zinvol om de schildklierfunctie te laten controleren door de huisarts, conform de NHG-Standaard Schildklieraandoeningen.
Gezond gewicht tijdens de overgang: wat werkt er echt?
Een combinatie van gevarieerde voeding volgens de Schijf van Vijf, krachttraining en minimaal 150 minuten beweging per week is de meest effectieve aanpak; de huisarts kan doorverwijzen naar een vergoed GLI-programma.
Een combinatie van gevarieerde voeding, voldoende beweging en aandacht voor slaap en stress is de meest effectieve aanpak om gewicht te beheersen tijdens de overgang. Er bestaat geen dieet dat specifiek voor de menopauze is bewezen, maar de principes van de Schijf van Vijf, zoals aanbevolen door het Voedingscentrum, bieden een solide basis: veel groenten, fruit, volkoren granen, peulvruchten, vette vis en onverzadigde vetten, en minder bewerkte producten, suiker en alcohol.
Krachttraining verdient bijzondere aandacht. Omdat spiermassa tijdens de overgang sneller afneemt, helpt weerstandstraining (zoals oefeningen met gewichten of het eigen lichaamsgewicht) om spieren te behouden en de stofwisseling op peil te houden. De Beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad adviseren volwassenen minimaal 150 minuten per week matig intensief te bewegen en twee keer per week spierversterkende oefeningen te doen.[5] Aerobe activiteiten zoals wandelen, fietsen of zwemmen dragen bij aan het energieverbruik en ondersteunen de hart- en vaatgezondheid.
In Nederland kunnen mensen met overgewicht via de huisarts worden doorverwezen naar een Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI). Dit is een gestructureerd programma gericht op voeding, beweging en gedrag, dat onder voorwaarden vergoed wordt vanuit de basisverzekering. De huisarts beoordeelt of iemand hiervoor in aanmerking komt.
Slaaphygiëne is een onderschat onderdeel van gewichtsbeheersing. Vaste slaaptijden, een koele slaapkamer en het vermijden van schermen voor het slapengaan kunnen helpen bij slaapproblemen die door opvliegers worden veroorzaakt. Wanneer slaapproblemen ernstig zijn, is overleg met de huisarts zinvol.
Hormonale substitutietherapie (HST) is in Nederland primair bedoeld voor de behandeling van overgangsklachten zoals opvliegers en vaginale droogheid, niet voor gewichtsbeheersing. HST kan bij sommige vrouwen de verandering van vetverdeling enigszins beïnvloeden, maar dit is geen reden om het voor te schrijven. De inzet van HST wordt individueel beoordeeld door de huisarts of gynaecoloog, waarbij voordelen en risico's zorgvuldig worden afgewogen, conform de NHG-Standaard De overgang.
Wanneer is medicamenteuze ondersteuning een optie bij overgewicht?
Medicamenteuze behandeling is een optie bij BMI 30 of hoger, of BMI 27 met comorbiditeit, nadat leefstijlinterventies onvoldoende resultaat gaven; beschikbare middelen zijn orlistat, semaglutide en tirzepatide.
Medicamenteuze behandeling van overgewicht is in Nederland een optie wanneer iemand een body-mass-index (BMI) heeft van 30 kg/m² of hoger, of een BMI van 27 kg/m² of hoger in combinatie met gewichtsgerelateerde aandoeningen zoals diabetes type 2, hoge bloeddruk of slaapapneu, en wanneer leefstijlinterventies onvoldoende resultaat hebben gegeven. De beoordeling hiervan vindt altijd plaats in overleg met de huisarts of een specialist.
In Nederland zijn voor gewichtsbeheersing bij volwassenen momenteel enkele geneesmiddelen beschikbaar die door de Europese Commissie zijn goedgekeurd op basis van een positief advies van het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA). Orlistat (Xenical en generieke varianten) remt de opname van vet in de darm en is al langer beschikbaar. Semaglutide (Wegovy) is een GLP-1-receptoragonist; tirzepatide (Mounjaro) is een duale GIP/GLP-1-receptoragonist.[10][11] Beide middelen werken in op hormoonreceptoren die betrokken zijn bij de regulatie van eetlust en bloedsuiker. Wegovy is in Nederland geregistreerd in zowel een injectievorm (wekelijkse injectie onder de huid) als een tabletvorm; de beschikbare toedieningsvorm en dosering worden bepaald in overleg met de voorschrijvend arts.[10][11] Tirzepatide (Mounjaro) wordt toegediend via een wekelijkse injectie onder de huid.[12][13] De productinformatie is te raadplegen via de CBG-MEB Geneesmiddeleninformatiebank en de EMA EPAR-annexen.
Belangrijke bijwerkingen van semaglutide en tirzepatide zijn onder andere misselijkheid, braken, diarree en obstipatie, vooral in de beginfase van de behandeling. Zeldzamere maar ernstigere bijwerkingen zijn pancreatitis en galstenen. Bij gebruik van semaglutide is in de productinformatie ook een risico op niet-arteritische anterieure ischemische opticopathie (NAION, een oogaandoening) opgenomen.[14][10] Bij mensen met diabetes type 2 die naast deze middelen ook sulfonylureumderivaten of insuline gebruiken, bestaat een verhoogd risico op hypoglykemie (te lage bloedsuiker). Raadpleeg de volledige productinformatie via het Farmacotherapeutisch Kompas of de CBG-MEB Geneesmiddeleninformatiebank voor een volledig overzicht van waarschuwingen en interacties. Bijwerkingen kunnen worden gemeld bij Bijwerkingencentrum Lareb in Nederland.
De vergoeding van deze middelen vanuit de basisverzekering is in Nederland aan strikte voorwaarden gebonden, zoals beoordeeld door Zorginstituut Nederland. In de praktijk worden gewichtsbeheersingsmiddelen voor veel patiënten niet vergoed en zijn zij een eigen betaling. Een gesprek met de eigen huisarts is de aangewezen eerste stap om te beoordelen of medicamenteuze ondersteuning passend is en welke opties in aanmerking komen.
Risico's van overgewicht rondom de menopauze voor hart en botten
Overgewicht na de menopauze verhoogt het risico op hart- en vaatziekten en osteoporose aanzienlijk; kracht- en balanstraining, voldoende calcium en vitamine D-suppletie zijn belangrijk voor hart en botten.
Overgewicht tijdens en na de menopauze verhoogt het risico op hart- en vaatziekten aanzienlijk, mede doordat de beschermende werking van oestrogeen op de bloedvaten wegvalt. Vóór de menopauze hebben vrouwen gemiddeld een lager risico op hart- en vaatziekten dan mannen van dezelfde leeftijd, maar na de menopauze neemt dit verschil snel af.[18] Abdominaal vet, dat rondom de overgang vaker wordt opgeslagen, is sterk geassocieerd met verhoogde bloeddruk, ongunstige bloedvetwaarden (zoals een hoog LDL-cholesterol en lage HDL-waarden) en insulineresistentie. Samen vormen deze factoren het metabool syndroom, dat het risico op een hartinfarct en beroerte vergroot. De NHG-Standaard CVRM biedt richtlijnen voor de beoordeling en behandeling van cardiovasculaire risicofactoren in de Nederlandse eerstelijnszorg.
Voor de botgezondheid geldt een vergelijkbaar patroon. Na de menopauze daalt de botdichtheid versneld doordat oestrogeen een remmende werking heeft op botafbraak, wat kan leiden tot osteoporose.[15][16] De relatie tussen overgewicht en fractuurrisico is genuanceerd: een hoger lichaamsgewicht levert enige mechanische belasting op de botten, wat voor sommige fractuurtypen (zoals heupfracturen) enigszins beschermend kan zijn voor de botdichtheid. Tegelijkertijd gaat overgewicht gepaard met een verhoogd valrisico en een grotere kans op bepaalde fracturen bij een val, zoals van de enkel of het opperarmbeen. Valpreventie en kracht- en balanstraining zijn daarom een belangrijk onderdeel van de aanpak, conform de NHG-Standaard Osteoporose en fractuurpreventie.
Voldoende calcium (via zuivel, groene groenten en peulvruchten) en vitamine D zijn belangrijk voor het behoud van sterke botten. De Gezondheidsraad adviseert voor vrouwen van 50 jaar en ouder in Nederland een dagelijkse vitamine D-suppletie van 10 microgram (400 IE); bij vrouwen van 70 jaar en ouder is dit 20 microgram (800 IE).[17] De huisarts kan beoordelen of aanvullend onderzoek naar botdichtheid (een DEXA-scan) of behandeling van osteoporose nodig is.
Wanneer iemand klachten ervaart zoals pijn op de borst, kortademigheid of plotselinge duizeligheid, is direct contact opnemen met 112 aangewezen. Voor niet-spoedeisende vragen over gewicht, hart- en vaatrisico of botgezondheid buiten kantooruren is de huisartsenpost het juiste aanspreekpunt; voor vragen tijdens kantooruren is dat de eigen huisarts.
Scientific References
- NHG-Standaard De overgang.
- Ik ben in de overgang.
- Physical activity and weight gain and fat distribution changes with menopause.
- The menopause-obesity axis in MASH progression: from estrogen decline to liver fibrosis.
- Beweegrichtlijnen 2017.
- Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) (Zvw).
- Obesitaszorg en zorg bij overgewicht.
- Obesitas (indicatietekst).
- NHG-Standaard Obesitas.
- Wegovy EPAR productinformatie (NL).
- semaglutide.
- Mounjaro EPAR productinformatie (NL).
- tirzepatide.
- PRAC concludes eye condition NAION is a very rare side effect of semaglutide medicines (Ozempic, Rybelsus, Wegovy).
- NHG-Standaard Fractuurpreventie.
- Osteoporose en fractuurpreventie (indicatietekst).
- Kennisdocument Calcium en vitamine D.
- NHG-Standaard Cardiovasculair risicomanagement (CVRM).
- Advies – wel of niet vergoeden semaglutide (Wegovy®) bij behandeling van obesitas.
Frequently Asked Questions
Komt gewichtstoename tijdens de overgang door hormonen of door leeftijd?
Beide factoren spelen een rol. De overgang beïnvloedt vooral de vetverdeling, waarbij vet zich meer rondom de buik ophoopt door dalend oestrogeen. De totale gewichtstoename hangt echter voor een groot deel samen met leeftijd en leefstijl, zoals afnemende spiermassa en minder beweging.
Helpt hormonale substitutietherapie (HST) tegen gewichtstoename in de overgang?
HST is in Nederland primair bedoeld voor de behandeling van overgangsklachten zoals opvliegers en vaginale droogheid, niet voor gewichtsbeheersing. Het kan bij sommige vrouwen de verandering van vetverdeling enigszins beïnvloeden, maar dit is geen reden om het voor te schrijven.
Wanneer moet ik naar de huisarts bij gewichtstoename tijdens de overgang?
Raadpleeg uw huisarts als gewichtstoename gepaard gaat met klachten zoals extreme vermoeidheid, kouwelijkheid of andere onverklaarde symptomen, zodat aandoeningen zoals een trage schildklier kunnen worden uitgesloten. De huisarts kan ook beoordelen of een Gecombineerde Leefstijlinterventie of medicamenteuze ondersteuning passend is.
De medische informatie op deze pagina is gebaseerd op erkende, wetenschappelijk onderbouwde bronnen en wordt periodiek herzien op juistheid en actualiteit. De informatie is uitsluitend bedoeld voor algemene voorlichting.
DisclaimerDeze informatie vervangt geen persoonlijk medisch advies, diagnose of behandeling. Neem bij klachten of vragen altijd contact op met uw eigen huisarts of apotheker. Deze pagina is voorlichting en geen aanbod: of een behandeling geschikt is, wordt beoordeeld tijdens een medische consultatie.



