PCOS en menopauze: risico's en klachten
PCOS en menopauze is een combinatie die veel vragen oproept: verdwijnen de klachten vanzelf als de menstruaties stoppen, of blijven de hormonale en metabole kenmerken van het polycysteus-ovariumsyndroom aanwezig? PCOS verdwijnt niet bij de overgang. Hoewel sommige symptomen veranderen, blijven insulineresistentie, verhoogde androgeenspiegels en een ongunstig cardiometabool risicoprofiel ook na de menopauze relevant. In dit artikel leest u wat er hormonaal verandert, welke gezondheidsrisico's blijven bestaan en wanneer u een arts moet raadplegen.
Samenvatting: PCOS verdwijnt niet bij de menopauze: de hormonale en metabole kenmerken, zoals verhoogde androgeenspiegels en insulineresistentie, blijven in gewijzigde vorm aanwezig.
- PCOS wordt gekenmerkt door verhoogde androgeenspiegels, onregelmatige eisprong en polycysteuze eierstokken; de Rotterdam-criteria gelden alleen voor vrouwen in de vruchtbare leeftijd.
- Na de menopauze kunnen klachten zoals hirsutisme en androgenetische alopecia aanhouden of verergeren doordat de verhouding androgenen/oestrogeen ongunstiger wordt.
- Vrouwen met PCOS hebben na de menopauze een verhoogd risico op type 2 diabetes, een ongunstig lipidenprofiel, endometriumcarcinoom en slaapapneu.
- Periodieke controle van bloeddruk, lipiden en glucosestatus (bij voorkeur via OGTT) is conform de NHG-Standaard CVRM ook na de menopauze zinvol.
- Onverwacht bloedverlies na de menopauze of snel toenemend hirsutisme met tekenen van virilisatie vereisen snelle beoordeling door de huisarts of specialist.
- Internationale PCOS-richtlijnen adviseren glucosetesten elke een tot drie jaar te herhalen, afhankelijk van het individuele risicoprofiel.
Inhoudsopgave
- Wat is PCOS en hoe verandert het tijdens de menopauze?
- Verdwijnen PCOS-klachten vanzelf als je in de overgang komt?
- Welke gezondheidsrisico's blijven bestaan na de menopauze bij PCOS?
- Hormoonveranderingen bij PCOS en de overgang vergeleken
- Wanneer is het verstandig om een arts te raadplegen?
- Wetenschappelijke bronnen
- Veelgestelde vragen
Wat is PCOS en hoe verandert het tijdens de menopauze?
PCOS is een hormonale aandoening met verhoogde androgeenspiegels en onregelmatige eisprong die na de menopauze niet verdwijnt, maar waarbij de hormonale kenmerken in gewijzigde vorm aanwezig blijven.
Het polycysteus-ovariumsyndroom (PCOS) is een hormonale aandoening waarbij de eierstokken te veel androgenen aanmaken, de eisprong onregelmatig of afwezig is, en er vaak meerdere kleine follikels zichtbaar zijn op echografie. PCOS is een van de meest voorkomende hormonale aandoeningen bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd. Schattingen van de prevalentie lopen uiteen van ongeveer 5 tot 15 procent, afhankelijk van de gehanteerde diagnostische criteria en de onderzochte populatie.[10][11]
De diagnose wordt gesteld aan de hand van de zogenoemde Rotterdam-criteria: ten minste twee van de drie kenmerken (onregelmatige cyclus, verhoogde androgeenspiegels en polycysteuze eierstokken op echo) moeten aanwezig zijn.[1][2] Belangrijk is dat deze criteria zijn gevalideerd voor vrouwen in de vruchtbare leeftijd. Na de menopauze worden ze doorgaans niet meer toegepast: een nieuwe PCOS-diagnose wordt in de postmenopauze zelden of niet gesteld. Bovendien nemen polycysteuze ovaria op echografie na de menopauze vaak af of verdwijnen ze, waardoor echo dan geen diagnostische waarde meer heeft voor PCOS.[12]
Tijdens de perimenopauze, de jaren voorafgaand aan de laatste menstruatie, veranderen de hormoonspiegels geleidelijk. De oestrogeenproductie daalt en de cyclus wordt onregelmatiger. Bij vrouwen met PCOS was de cyclus al onregelmatig, waardoor de overgang soms moeilijker te herkennen is. Sommige onderzoeken suggereren dat vrouwen met PCOS gemiddeld iets later de menopauze kunnen bereiken dan vrouwen zonder PCOS, mogelijk doordat zij een grotere follikelreserve hebben.[4][3] Het bewijs hiervoor is echter niet eenduidig en kan worden beïnvloed door factoren zoals BMI en het PCOS-fenotype; dit gegeven moet dan ook met voorzichtigheid worden geïnterpreteerd.
Na de menopauze stoppen de eierstokken grotendeels met de productie van oestrogeen en progesteron. De androgeenspiegels dalen ook, maar bij vrouwen met PCOS kunnen deze relatief hoger blijven dan bij leeftijdsgenoten zonder de aandoening. Dit betekent dat PCOS niet simpelweg verdwijnt op het moment dat de menstruaties ophouden: de onderliggende hormonale en metabole kenmerken blijven in gewijzigde vorm aanwezig.
| Kenmerk | PCOS vóór de menopauze | PCOS ná de menopauze |
|---|---|---|
| Androgeenspiegels (testosteron, DHEAS) | Chronisch verhoogd | Gedaald, maar relatief hoger dan bij leeftijdsgenoten zonder PCOS |
| Oestrogeen en progesteron | Wisselend door onregelmatige eisprong | Sterk gedaald, ovariumproductie grotendeels gestopt |
| FSH en LH | LH vaak verhoogd, LH/FSH-verhouding niet diagnostisch | FSH en LH stijgen sterk als reactie op verminderde ovariumfunctie |
| Cyclus en vruchtbaarheid | Onregelmatig of afwezig, verminderde vruchtbaarheid | Niet meer van toepassing na laatste menstruatie |
| Hirsutisme en acne | Aanwezig door verhoogde androgenen | Kan aanhouden of verergeren door verschuiving androgeen/oestrogeenverhouding |
| Insulineresistentie en metabole risicos | Verhoogd risico op type 2 diabetes, ongunstig lipidenprofiel | Risico blijft bestaan, buikvetopslag kan toenemen door oestrogeendaling |
| Aanbevolen controles | OGTT, bloeddruk, lipiden, androgeenstatus | OGTT elke 1 tot 3 jaar, bloeddruk en lipiden conform NHG-Standaard CVRM |
Verdwijnen PCOS-klachten vanzelf als je in de overgang komt?
PCOS-klachten verdwijnen niet volledig: hirsutisme en insulineresistentie blijven aanwezig, en de verschuiving in de androgeen/oestrogeenverhouding kan androgene klachten zelfs versterken.
PCOS-klachten verdwijnen niet volledig vanzelf bij de menopauze, hoewel sommige symptomen zoals onregelmatige menstruaties en vruchtbaarheidsproblemen na de laatste menstruatie niet meer relevant zijn. Klachten die samenhangen met verhoogde androgeenspiegels, zoals overmatige haargroei (hirsutisme) en haaruitval op het hoofd (androgenetische alopecia), kunnen ook na de menopauze aanhouden of zelfs verergeren. Dit komt doordat de verhouding tussen androgenen en oestrogenen verschuift ten nadele van oestrogeen, waardoor androgene effecten relatief sterker worden.
Daarnaast kunnen vrouwen met PCOS tijdens de overgang te maken krijgen met de gebruikelijke overgangsklachten, zoals opvliegers, slaapproblemen en stemmingswisselingen. Omdat de hormoonschommelingen bij PCOS al jarenlang aanwezig waren, is het soms lastig te onderscheiden welke klachten bij de overgang horen en welke bij PCOS. Een arts kan helpen dit onderscheid te maken door gericht bloedonderzoek te laten uitvoeren. Relevante bepalingen kunnen zijn: oestradiol, FSH, totaal testosteron, SHBG en de berekende vrij-androgeenindex. De keuze van testen hangt af van de klinische vraag en wordt bepaald door de behandelend arts.
Een belangrijk aandachtspunt is dat de metabole kenmerken van PCOS, waaronder insulineresistentie en een verhoogd risico op overgewicht, na de menopauze niet verdwijnen. De daling van oestrogeen kan de vetverdeling ongunstig beïnvloeden, met meer vetopslag rond de buik. Vrouwen met PCOS die al voor de menopauze kampten met overgewicht of insulineresistentie, lopen daardoor een verhoogd risico op verdere metabole problemen.
Voor het opsporen van gestoorde glucosetolerantie heeft een orale glucosetolerantietest (OGTT, 75 gram glucose) de voorkeur boven alleen een nuchtere bloedglucosemeting, omdat een nuchtere meting milde stoornissen kan missen.[6][3] Conform internationale PCOS-richtlijnen wordt geadviseerd deze test te herhalen elke een tot drie jaar, afhankelijk van het individuele risicoprofiel.[3] Leefstijlmaatregelen zoals voldoende beweging en een evenwichtig voedingspatroon blijven van belang, ook na de overgang.
Welke gezondheidsrisico's blijven bestaan na de menopauze bij PCOS?
Na de menopauze blijven vrouwen met PCOS een verhoogd risico houden op type 2 diabetes, een ongunstig lipidenprofiel, endometriumcarcinoom en slaapapneu.
Vrouwen met PCOS hebben na de menopauze een ongunstig cardiometabool risicoprofiel: zij hebben vaker insulineresistentie, type 2 diabetes, een verhoogde bloeddruk en een ongunstig lipidenprofiel met hogere triglyceriden en lagere HDL-cholesterolwaarden.[5][13] Of dit risicoprofiel zich ook vertaalt in aantoonbaar meer harde cardiovasculaire eindpunten (zoals hartinfarct of beroerte) is minder eenduidig aangetoond; het bewijs is sterker voor de aanwezigheid van risicofactoren en type 2 diabetes dan voor de eindpunten zelf. Periodieke beoordeling van bloeddruk, lipiden en glucosestatus conform de NHG-Standaard CVRM is in Nederland dan ook zinvol.
Een ander risico dat aandacht verdient, is endometriumcarcinoom. Vrouwen met PCOS hebben tijdens de vruchtbare leeftijd vaker een onregelmatige of afwezige eisprong, waardoor het baarmoederslijmvlies langdurig wordt blootgesteld aan oestrogeen zonder de beschermende werking van progesteron. Dit verhoogt het risico op endometriumhyperplasie en, op de lange termijn, op baarmoederkanker. Na de menopauze is dit risico minder acuut, maar onverwacht bloedverlies na de menopauze moet in Nederland laagdrempelig en tijdig via de eigen huisarts worden beoordeeld.
Ook niet-alcoholische leververvetting (NAFLD) is een relevant aandachtspunt bij PCOS. Insulineresistentie en overgewicht verhogen het risico op NAFLD, en dit risico verdwijnt niet na de menopauze. Bij klachten of risicofactoren kan de arts leverenzymen (zoals ALAT) bepalen en het risico verder inschatten.
Het risico op slaapapneu is bij vrouwen met PCOS verhoogd, deels door overgewicht en deels door de hormonale kenmerken van de aandoening.[14][15] Na de menopauze neemt het risico op slaapapneu bij alle vrouwen toe. Klachten zoals luid snurken, vermoeidheid overdag en niet uitgerust wakker worden verdienen aandacht en bespreking met de huisarts.
Over osteoporose zijn de gegevens bij vrouwen met PCOS na de menopauze niet eenduidig: er is geen consistent bewijs voor een duidelijk verhoogd fractuurrisico.[17] Dit risico wordt daarom hier niet als vaststaand gepresenteerd; de gebruikelijke adviezen voor botgezondheid na de menopauze gelden ook voor vrouwen met PCOS.
Hormoonveranderingen bij PCOS en de overgang vergeleken
Bij PCOS blijven androgeenspiegels na de menopauze relatief hoger dan bij leeftijdsgenoten, terwijl oestrogeen en progesteron bij alle vrouwen sterk dalen en FSH stijgt.
Bij PCOS zijn de androgeenspiegels, met name testosteron en DHEAS, chronisch verhoogd, terwijl de oestrogeenspiegels wisselend kunnen zijn door de onregelmatige eisprong. Bij de menopauze dalen zowel oestrogeen als progesteron sterk, terwijl de hypofyse meer FSH (follikelstimulerend hormoon) en LH (luteïniserend hormoon) aanmaakt als reactie op de verminderde ovariumfunctie.
Bij vrouwen met PCOS was de LH-spiegel vóór de menopauze vaak verhoogd. Het is echter belangrijk te weten dat de LH/FSH-verhouding niet wordt aanbevolen als diagnostisch criterium voor PCOS, en dat FSH- en LH-waarden in de perimenopauze sterk kunnen schommelen.[3][19] Dit maakt de interpretatie van deze waarden in de perimenopauze complex; een enkele meting is dan ook onvoldoende om de hormonale situatie volledig te beoordelen.
Een belangrijk verschil is dat de androgeenspiegels bij de menopauze bij alle vrouwen dalen, maar bij vrouwen met PCOS kunnen deze spiegels relatief hoger blijven dan bij leeftijdsgenoten. Dit verklaart waarom klachten zoals hirsutisme en acne bij sommige vrouwen met PCOS ook na de overgang aanhouden.
Bloedonderzoek kan helpen om de hormonale situatie in kaart te brengen. Relevante bepalingen zijn onder meer FSH, LH, oestradiol, totaal testosteron, DHEAS, SHBG (geslachtshormoonbindend globuline) en de berekende vrij-androgeenindex. Afhankelijk van de klinische vraag kan de arts ook uitsluitdiagnostiek overwegen, zoals TSH, prolactine of 17-OH-progesteron, om andere oorzaken van hormonale klachten uit te sluiten. Voor de glucosestatus heeft een OGTT de voorkeur boven alleen een nuchtere bloedglucosemeting. De referentiewaarden voor hormonen veranderen met de leeftijd en de menopausale status; interpretatie moet altijd in de klinische context plaatsvinden. Een gynaecoloog of internist met ervaring in hormonale aandoeningen kan de uitslagen het beste beoordelen.
Wanneer is het verstandig om een arts te raadplegen?
Raadpleeg de huisarts bij onverwacht bloedverlies na de menopauze, snel toenemend hirsutisme, klachten van slaapapneu of verhoogde bloedsuikerwaarden; bij acute cardiovasculaire klachten belt u 112.
Het is verstandig om een arts te raadplegen als u met PCOS de overgang nadert en u vragen heeft over hoe uw klachten kunnen veranderen, of als u nieuwe of verergerende klachten ervaart. De eigen huisarts is in Nederland het eerste aanspreekpunt voor vragen over PCOS en de overgang, en kan zo nodig doorverwijzen naar een gynaecoloog of internist. In een aantal Nederlandse ziekenhuizen is ook een gespecialiseerde PCOS-poli beschikbaar.
Een aantal situaties vraagt om extra aandacht:
-
Onverwacht bloedverlies na de menopauze: meld dit laagdrempelig en tijdig bij uw eigen huisarts in Nederland, omdat het een teken kan zijn van endometriumhyperplasie of een andere aandoening.
-
Snel toenemend hirsutisme of tekenen van virilisatie, zoals stemverlaging of andere uitgesproken vermanning: dit kan wijzen op een androgeen-producerende tumor en vraagt om snelle beoordeling en verwijzing naar een gynaecoloog of internist-endocrinoloog in Nederland.
-
Nieuwe of sterk verergerende klachten van hirsutisme of acne zonder tekenen van virilisatie: dit kan wijzen op een verandering in de androgeenbalans die nader onderzoek verdient via de eigen huisarts.
-
Klachten die passen bij slaapapneu, zoals overmatige vermoeidheid overdag, luid snurken of hoofdpijn bij het opstaan: bespreek dit met uw huisarts, die u zo nodig kan verwijzen voor slaaponderzoek.
-
Verhoogde bloedsuikerwaarden of klachten die passen bij diabetes, zoals veel dorst, frequent urineren of vermoeidheid: laat dit beoordelen door uw huisarts. Bloedglucosewaarden worden uitgedrukt in mmol/L.
-
Cardiovasculaire klachten zoals pijn op de borst, kortademigheid of hartkloppingen vragen om directe medische beoordeling. Bel in geval van een acute noodsituatie altijd 112.
Bij niet-spoedeisende vragen buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de huisartsenpost. Bijwerkingen van eventuele medicatie die u gebruikt voor PCOS kunt u melden bij Bijwerkingencentrum Lareb.
Regelmatige controle van bloeddruk, bloedglucose (bij voorkeur via OGTT) en lipiden is voor vrouwen met PCOS ook na de menopauze zinvol, conform de NHG-Standaard CVRM. Internationale PCOS-richtlijnen adviseren glucosetesten elke een tot drie jaar te herhalen, afhankelijk van het risicoprofiel.[3] Bespreek de frequentie en inhoud van periodieke controles met uw eigen huisarts in Nederland.
Geraadpleegde bronnen en richtlijnen: NVOG-richtlijn PCOS (Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie); Internationale evidence-based PCOS-richtlijn 2023 (Monash/ESHRE/ASRM); NHG-Standaard De overgang; NHG-Standaard CVRM; NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2; NHG-Standaard Slaapapneu; Thuisarts.nl: Polycysteus-ovarium-syndroom (PCOS); Thuisarts.nl: De overgang; Thuisarts.nl: Bloedverlies na de overgang.
Wetenschappelijke bronnen
- Revised 2003 consensus on diagnostic criteria and long-term health risks related to polycystic ovary syndrome.
- Controversy in clinical endocrinology: diagnosis of polycystic ovarian syndrome: in defense of the Rotterdam criteria.
- Recommendations From the 2023 International Evidence-Based Guideline for the Assessment and Management of Polycystic Ovary Syndrome.
- Reproductive Hormones and Anthropometry: A Follow-Up of PCOS and Controls From Perimenopause to Older Than 80 Years.
- From PCOS to PMOS: An EMAS clinical guide to the proposed terminology and its relevance to menopause care.
- Frequency of Impaired Oral Glucose Tolerance Test Results in Women with Polycystic Ovary Syndrome.
- MASLD, diabetes and PMOS across the female life stages.
- Hepatokines and polycystic ovary syndrome: investigating the connection between the hepato-ovarian axis and disorders in glycolipid metabolism in PCOS: a narrative review.
- Screening for endometrial hyperplasia and endometrial cancer in premenopausal women with PCOS.
- Polycystic ovary syndrome with metabolic syndrome and diabetes: a systematic review and meta-analysis.
- Comparison of Clinical, Metabolic, and Hormonal Profiles in Obese Versus Lean Women With Polycystic Ovary Syndrome: A Systematic Review and Meta-Analysis.
- Structural and hormonal changes in the ovaries of women with polycystic ovary syndrome and healthy controls: a 13-year prospective study in an unselected population.
- Cardiometabolic aspects of the polycystic ovary syndrome.
- Gender Differences in the Context of Obstructive Sleep Apnea and Metabolic Diseases.
- Effects of bariatric surgery on obese polycystic ovary syndrome: a systematic review and meta-analysis.
- Rare Conditions of Hyperandrogenism Through Lifespan: A Case Series.
- NHG-Standaard Fractuurpreventie.
- NHG-Standaard Amenorroe.
- Thuisarts.nl: Ik heb het polycysteus-ovarium-syndroom (PCOS).
Veelgestelde vragen
Verdwijnt PCOS automatisch na de menopauze?
Nee, PCOS verdwijnt niet na de menopauze. Hoewel menstruatieklachten en vruchtbaarheidsproblemen wegvallen, blijven hormonale kenmerken zoals verhoogde androgeenspiegels en metabole problemen zoals insulineresistentie ook na de overgang aanwezig.
Welke bloedonderzoeken zijn zinvol bij PCOS na de menopauze?
Relevante bepalingen zijn onder meer FSH, oestradiol, totaal testosteron, SHBG en de vrij-androgeenindex. Voor de glucosestatus heeft een orale glucosetolerantietest (OGTT) de voorkeur boven alleen een nuchtere bloedglucosemeting, omdat milde stoornissen anders gemist kunnen worden.
Wanneer moet ik met PCOS en overgangsklachten naar de huisarts?
Ga naar de huisarts bij onverwacht bloedverlies na de menopauze, snel toenemend hirsutisme of tekenen van virilisatie, klachten die passen bij slaapapneu, of verhoogde bloedsuikerwaarden. Bij acute klachten zoals pijn op de borst belt u direct 112.
De medische informatie op deze pagina is gebaseerd op erkende, wetenschappelijk onderbouwde bronnen en wordt periodiek herzien op juistheid en actualiteit. De informatie is uitsluitend bedoeld voor algemene voorlichting.
DisclaimerDeze informatie vervangt geen persoonlijk medisch advies, diagnose of behandeling. Neem bij klachten of vragen altijd contact op met uw eigen huisarts of apotheker. Deze pagina is voorlichting en geen aanbod: of een behandeling geschikt is, wordt beoordeeld tijdens een medische consultatie.




