Gewichtsverlies
13
 min leestijd

Afvallen lukt niet tijdens de overgang

Geschreven door
Bolt Med
Gepubliceerd
03.11.2026
Laatst bijgewerkt
03.11.2026

Afvallen lukt niet tijdens de overgang: veel vrouwen herkennen dit probleem. Hormonale veranderingen, een trager metabolisme en verschuivingen in vetopslag maken het moeilijker om op gewicht te blijven, ook bij een gezond eetpatroon en voldoende beweging. Dit is geen kwestie van wilskracht, maar van fysiologie. In dit artikel leggen we uit waarom afvallen in de menopauze anders werkt, wat er wel helpt en wanneer het verstandig is om een arts te raadplegen.

Samenvatting: Afvallen lukt niet tijdens de overgang doordat dalende oestrogeenspiegels, een trager metabolisme en verlies van spiermassa tegelijkertijd optreden en de vetopslag verschuiven naar de buik.

  • Dalend oestrogeen verschuift vetopslag van heupen en dijen naar de buik, wat het cardiometabole risico verhoogt.
  • Verlies van spiermassa (sarcopenie) verlaagt het basaalmetabolisme, waardoor het lichaam minder calorieën verbrandt in rust.
  • Krachttraining, voldoende eiwitinname (1,2 tot 1,6 gram per kilogram lichaamsgewicht per dag) en goede slaap zijn de meest effectieve pijlers voor gewichtsbeheersing.
  • Raadpleeg de huisarts bij aanhoudende gewichtstoename, een BMI van 25 of hoger met een buikomvang boven 88 centimeter, of risicofactoren zoals hoge bloeddruk of verhoogde bloedsuiker.
  • Hormoontherapie (HRT) behandelt geen overgewicht, maar kan overgangsklachten verlichten waardoor een actieve leefstijl makkelijker vol te houden is.
  • GLP-1-receptoragonisten en bariatrische chirurgie zijn beschikbare opties bij ernstige obesitas, maar worden in Nederland doorgaans niet vergoed vanuit de basisverzekering.

Waarom lukt afvallen tijdens de overgang vaak niet?

Afvallen lukt niet tijdens de overgang doordat hormonale dalingen, een trager metabolisme en slaapproblemen tegelijkertijd optreden en het lichaam anders reageert op voeding en beweging dan vóór de menopauze.

Afvallen tijdens de overgang lukt vaak niet omdat hormonale veranderingen, een trager metabolisme en verschuivingen in vetopslag tegelijkertijd optreden, waardoor de gebruikelijke aanpak minder effect heeft. Dit is geen kwestie van wilskracht of discipline, maar van fysiologie: het lichaam reageert anders op voeding en beweging dan vóór de menopauze.

De overgang (ook wel perimenopauze of climacterium) is de transitieperiode waarin de eierstokken geleidelijk minder oestrogeen en progesteron aanmaken. De menopauze is het tijdstip van de laatste menstruatie; dit wordt achteraf vastgesteld na twaalf maanden zonder menstruatie. Deze hormonale daling beïnvloedt niet alleen de menstruatiecyclus, maar ook de energiehuishouding, de spiermassa en de manier waarop het lichaam vet opslaat. Veel vrouwen merken dat zij bij hetzelfde eetpatroon en dezelfde hoeveelheid beweging toch aankomen, met name rond de buik. De NHG-Standaard De overgang beschrijft gewichtstoename als een veelvoorkomend verschijnsel in deze levensfase.[1]

Daarnaast spelen slaapproblemen, vermoeidheid en stemmingswisselingen een rol. Slechte slaap kan de eetlust beïnvloeden en het volhouden van een gezonde leefstijl bemoeilijken. Stress en vermoeidheid dragen bovendien bij aan een verhoogde cortisolspiegel, wat in verband wordt gebracht met buikvetopslag.

Het is belangrijk te weten dat gewichtstoename tijdens de overgang een veelvoorkomend en fysiologisch verklaarbaar verschijnsel is. Dat maakt het niet onvermijdelijk, maar het vraagt wel om een aanpak die rekening houdt met de specifieke veranderingen in het lichaam.

Hoe veranderen hormonen je gewicht en vetopslag in de menopauze?

Dalend oestrogeen verschuift vetopslag naar de buik, vermindert de insulinegevoeligheid en verlaagt via spiermassaverlies het basaalmetabolisme, wat afvallen bemoeilijkt.

De daling van oestrogeen tijdens de menopauze verschuift de vetopslag van de heupen en dijen naar de buikstreek. Dit patroon, ook wel androïde of abdominale vetverdeling genoemd, gaat gepaard met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en verstoorde bloedsuikerregulatie. Het verschilt van de gyneoïde vetverdeling die vóór de menopauze vaker voorkomt. De NHG-Standaard De overgang en de NHG-Standaard Obesitas beschrijven dit cardiometabole risico in de Nederlandse context.

Oestrogeen heeft een beschermende werking op de insulinegevoeligheid van cellen. Wanneer de oestrogeenspiegel daalt, kan de bloedsuikerspiegel minder efficiënt worden gereguleerd, wat de vetopslag kan bevorderen en het afvallen kan bemoeilijken. Bij vrouwen met overgewicht of een belaste familiegeschiedenis kan dit het risico op diabetes type 2 verhogen.

Tegelijkertijd neemt de spiermassa af naarmate vrouwen ouder worden, een proces dat sarcopenie wordt genoemd. Spierweefsel verbrandt in rust meer calorieën dan vetweefsel. Minder spiermassa betekent dus een lager basaalmetabolisme: het lichaam heeft minder energie nodig om te functioneren, terwijl de calorie-inname vaak gelijk blijft.

Progesteron daalt eveneens tijdens de overgang. Bij sommige vrouwen kan dit samenhangen met een lichte vochtretentie, hoewel dit effect individueel verschilt en doorgaans gering is. Het onderscheid tussen vettoename en vochtretentie is relevant voor de keuze van de aanpak.

Factor Oorzaak tijdens overgang Gevolg voor gewicht Aanbevolen aanpak
Oestrogeendaling Eierstokken maken minder oestrogeen aan Vetopslag verschuift naar buik, verhoogd cardiometabool risico Leefstijlaanpassing, bespreek HRT met huisarts
Verminderde insulinegevoeligheid Oestrogeen beschermt normaal de insulinewerking Bloedsuiker minder stabiel, vetopslag bevorderd Vezelrijke voeding, beperking suikerhoudende dranken
Spiermassaverlies (sarcopenie) Spiermassa neemt af met leeftijd Lager basaalmetabolisme, minder calorieverbruik in rust Krachttraining minimaal 2 dagen per week, eiwitinname 1,2 tot 1,6 g per kg per dag
Slaapproblemen en stress Overgangsklachten verstoren slaap, verhogen cortisol Meer eetlust, buikvetopslag bevorderd Slaaphygiene, mindfulness, ademhalingsoefeningen, yoga
Progesterondaling Progesteron daalt samen met oestrogeen Mogelijke lichte vochtretentie, individueel wisselend Onderscheid vettoename en vochtretentie bespreken met huisarts
Onvoldoende beweging Vermoeidheid en klachten belemmeren activiteit Lager energieverbruik, gewichtstoename Minimaal 150 minuten matig intensieve aerobe activiteit per week (Gezondheidsraad)
Onvoldoende resultaat leefstijl Metabole aanpassing vertraagt gewichtsverlies Gewicht blijft stijgen ondanks aanpassingen Huisarts raadplegen, overweeg diëtist, HRT of medicamenteuze behandeling op indicatie

Wat helpt écht bij gewichtsbeheersing tijdens de overgang?

Een combinatie van krachttraining, eiwitrijke voeding en voldoende slaap is het meest effectief voor gewichtsbeheersing tijdens de overgang.

Een combinatie van krachttraining, voldoende eiwitinname en aandacht voor slaapkwaliteit is het meest effectief gebleken voor gewichtsbeheersing tijdens de overgang. Geen van deze elementen werkt optimaal zonder de andere, en een geïntegreerde aanpak geeft de beste resultaten op de lange termijn.

Krachttraining is bijzonder waardevol omdat het spiermassa behoudt en opbouwt, waardoor het basaalmetabolisme op peil blijft. De Gezondheidsraad-Beweegrichtlijnen adviseren volwassenen minimaal twee dagen per week spierversterkende oefeningen te doen, gericht op grote spiergroepen.[5] Aerobe activiteit zoals wandelen, fietsen of zwemmen draagt bij aan de cardiovasculaire gezondheid en het energieverbruik.

Voeding speelt een centrale rol. Een eiwitrijke voeding (circa 1,2 tot 1,6 gram per kilogram lichaamsgewicht per dag) kan het behoud van spiermassa ondersteunen en geeft een langer verzadigd gevoel. Mensen met een nierziekte dienen dit eerst met hun huisarts of diëtist te bespreken, omdat een hoge eiwitinname bij verminderde nierfunctie niet altijd geschikt is. Vezelrijke voeding, zoals groenten, peulvruchten en volkoren producten, helpt de bloedsuikerspiegel stabiel te houden. Sterk bewerkte voeding en suikerhoudende dranken zijn het beste te beperken. Het Voedingscentrum beschrijft deze adviezen in de Schijf van Vijf.

Slaap en stressmanagement worden vaak onderschat. Voldoende slaap ondersteunt de hormonale balans en vermindert de neiging tot overeten. Technieken zoals mindfulness, ademhalingsoefeningen of yoga kunnen helpen bij stressreductie.

Hormoontherapie (HRT) kan bij sommige vrouwen indirect bijdragen aan gewichtsbeheersing door opvliegers en slaapproblemen te verminderen, maar is geen behandeling voor overgewicht op zichzelf. De inzet ervan wordt individueel beoordeeld door een arts, rekening houdend met de indicaties en contra-indicaties zoals beschreven in de NHG-Standaard De overgang.

Wanneer is het zinvol om met een arts te praten over je gewicht?

Praat met de huisarts als het gewicht ondanks leefstijlaanpassingen blijft stijgen, of als er risicofactoren zijn zoals hoge bloeddruk, verhoogde bloedsuiker of een buikomvang boven 88 centimeter.

Het is zinvol om met de eigen huisarts te praten over gewicht tijdens de overgang wanneer het gewicht ondanks aanpassingen in leefstijl blijft stijgen, wanneer er klachten zijn die het dagelijks functioneren beïnvloeden, of wanneer er risicofactoren zijn zoals hoge bloeddruk, verhoogde bloedsuiker of een belaste familiegeschiedenis voor hart- en vaatziekten of diabetes type 2.

Een huisarts kan beoordelen of er sprake is van een onderliggende aandoening die bijdraagt aan de gewichtstoename, zoals een schildklierprobleem (hypothyreoïdie) of een verstoorde bloedsuikerregulatie. In Nederland zet de huisarts hiervoor doorgaans bloedonderzoek in, zoals nuchtere glucose en HbA1c. Insulineresistentie wordt in de eerste lijn niet met één directe test vastgesteld, maar kan worden vermoed op basis van deze uitslagen in combinatie met klinische kenmerken. Ook kan de huisarts de overgangsklachten in samenhang beoordelen en bespreken of hormoontherapie of andere behandelingen passend zijn.

Volgens de Nederlandse terminologie, zoals gehanteerd in de NHG-Standaard Obesitas, spreekt men van overgewicht bij een BMI van 25 tot 29,9 en van obesitas bij een BMI van 30 of hoger. Bij een BMI van 25 of hoger in combinatie met een buikomvang boven 88 centimeter bij vrouwen is er sprake van een verhoogd gezondheidsrisico.[3][4] In dat geval is een gestructureerde begeleiding via de huisarts of een gespecialiseerde diëtist aan te raden.

Bij acute klachten zoals pijn op de borst, ernstige kortademigheid of plotselinge neurologische verschijnselen dient men direct 112 te bellen. Voor niet-spoedeisende maar urgente vragen buiten kantooruren is de huisartsenpost bereikbaar. Voor reguliere vragen over gewicht en overgang is de eigen huisarts het juiste aanspreekpunt.

Leefstijl, voeding en beweging: wat zegt het NHG over de overgang?

Het NHG adviseert minimaal 150 minuten matig intensieve beweging per week, spierversterkende oefeningen op twee dagen, en een voedingspatroon conform de Schijf van Vijf als basis bij de overgang.

De NHG-Standaard De overgang benadrukt dat leefstijladviezen de basis vormen van de begeleiding, waarbij voldoende beweging, een gezond voedingspatroon en rookstop centraal staan. Gewichtstoename tijdens de overgang is een veelvoorkomend probleem dat vraagt om een actieve maar realistische aanpak.

Het NHG adviseert vrouwen in de overgang om te voldoen aan de Beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad: minimaal 150 minuten per week matig intensieve aerobe activiteit, aangevuld met spierversterkende oefeningen op ten minste twee dagen per week.[1][5]

Voor voeding verwijst het NHG naar de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum: veel groenten en fruit, volkoren graanproducten, peulvruchten, noten, vis en zuivel, met beperking van rood en bewerkt vlees, suiker en verzadigd vet. Een matig calorietekort kan bijdragen aan gewichtsverlies, maar het tempo verschilt per persoon. Door metabole aanpassing verloopt gewichtsverlies in de praktijk niet lineair; realistische doelen en begeleiding door een diëtist zijn daarom waardevol. Het Voedingscentrum en de NHG-Standaard Obesitas bieden hiervoor praktische handvatten.

Het NHG wijst ook op het belang van psychosociale ondersteuning. Overgangsklachten zoals stemmingswisselingen, slaapproblemen en vermoeidheid kunnen het volhouden van leefstijlveranderingen bemoeilijken. Cognitieve gedragstherapie of begeleiding door een psycholoog kan in dat geval een waardevolle aanvulling zijn op de leefstijlaanpak.

Welke behandelopties bestaan er als leefstijlaanpassingen onvoldoende helpen?

Bij onvoldoende resultaat van leefstijlaanpassingen kunnen hormoontherapie, medicamenteuze behandeling van obesitas of bariatrische chirurgie worden overwogen, afhankelijk van de individuele situatie en risicofactoren.

Wanneer leefstijlaanpassingen onvoldoende resultaat geven, kunnen in Nederland aanvullende behandelopties worden overwogen, waaronder hormoontherapie voor overgangsklachten en, in geselecteerde gevallen, medicamenteuze behandeling van obesitas. De keuze hangt af van de individuele situatie, de aanwezige risicofactoren en de ernst van de klachten.

Hormoontherapie (HRT) kan overgangsklachten zoals opvliegers, slaapproblemen en stemmingswisselingen verminderen, waardoor het makkelijker wordt om een actieve leefstijl vol te houden. HRT is geen behandeling voor overgewicht, maar kan indirect bijdragen aan gewichtsbeheersing. De inzet ervan wordt individueel beoordeeld, rekening houdend met contra-indicaties zoals bepaalde vormen van borstkanker of trombose in de voorgeschiedenis, conform de NHG-Standaard De overgang.

Medicamenteuze behandeling van obesitas is in Nederland beschikbaar voor specifieke groepen, op basis van BMI-drempels en de aanwezigheid van comorbiditeit, zoals beschreven in de productinformatie van de betreffende middelen en de NHG-Standaard Obesitas. Orlistat is geregistreerd voor de behandeling van obesitas. De vergoedingsstatus van orlistat vanuit de Nederlandse basisverzekering is beperkt; raadpleeg de actuele informatie van het Zorginstituut Nederland voor de geldende voorwaarden.

GLP-1-receptoragonisten die zijn geregistreerd voor gewichtsbeheersing, zoals semaglutide (Wegovy, in sterktes tot 2,4 mg en 7,2 mg, conform de EMA/CBG-productinformatie), zijn in Nederland verkrijgbaar op recept.[6][7] Tirzepatide (Mounjaro) is een dubbele GIP/GLP-1-receptoragonist, conform de EMA/CBG-productinformatie, en is eveneens geregistreerd voor gewichtsbeheersing.[8][9] Beide middelen worden voor gewichtsbeheersing in Nederland doorgaans niet vergoed vanuit de basisverzekering; de kosten komen dan voor eigen rekening.[14][15] Het Zorginstituut Nederland beoordeelt periodiek de vergoedingsstatus van deze middelen.

Bij het gebruik van semaglutide en tirzepatide dienen naast veelvoorkomende maagdarmklachten (zoals misselijkheid en braken) ook de belangrijkste waarschuwingen uit de SmPC/EPAR in overweging te worden genomen. Dit betreft onder meer het risico op acute pancreatitis, vertraagde maaglediging (gastroparese), hypoglykemie bij gelijktijdig gebruik van sulfonylureumderivaten of insuline, en overwegingen rondom diabetische retinopathie bij mensen met diabetes.[6][7] Bespreek de risico's en voordelen altijd met de eigen huisarts of specialist. Meld bijwerkingen van geneesmiddelen bij Bijwerkingencentrum Lareb.

Bariatrische chirurgie is een optie bij ernstige obesitas (BMI boven 40, of boven 35 met comorbiditeit) wanneer andere behandelingen onvoldoende effect hebben gehad. Bespreek alle opties met de eigen huisarts.

Wetenschappelijke bronnen

  1. .
  2. .
  3. .
  4. .
  5. .
  6. .
  7. .
  8. .
  9. .
  10. .
  11. .
  12. .
  13. .
  14. .
  15. .
  16. .
  17. .
  18. .
  19. .
  20. .
  21. .
  22. .
  23. .

Veelgestelde vragen

Waarom kom ik aan tijdens de overgang terwijl ik niets anders eet?

Dalend oestrogeen verlaagt de insulinegevoeligheid en verschuift vetopslag naar de buik, terwijl spiermassaverlies het basaalmetabolisme vermindert. Hierdoor kan het lichaam bij hetzelfde eetpatroon toch aankomen.

Welke sport helpt het meest bij afvallen tijdens de overgang?

Krachttraining is bijzonder effectief omdat het spiermassa behoudt en het basaalmetabolisme op peil houdt. Combineer dit met minimaal 150 minuten matig intensieve aerobe activiteit per week, zoals wandelen of fietsen, conform de Beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad.

Helpt hormoontherapie bij afvallen tijdens de overgang?

Hormoontherapie (HRT) is geen behandeling voor overgewicht, maar kan overgangsklachten zoals opvliegers en slaapproblemen verminderen, waardoor het makkelijker wordt een actieve leefstijl vol te houden. Bespreek de voor- en nadelen altijd met de eigen huisarts.


Redactionele verantwoording

De medische informatie op deze pagina is gebaseerd op erkende, wetenschappelijk onderbouwde bronnen en wordt periodiek herzien op juistheid en actualiteit. De informatie is uitsluitend bedoeld voor algemene voorlichting.

Disclaimer

Deze informatie vervangt geen persoonlijk medisch advies, diagnose of behandeling. Neem bij klachten of vragen altijd contact op met uw eigen huisarts of apotheker. Deze pagina is voorlichting en geen aanbod: of een behandeling geschikt is, wordt beoordeeld tijdens een medische consultatie.