Gewichtsverlies
11
 min leestijd

Slaapapneu test: thuismeting of PSG?

Geschreven door
Bolt Med
Gepubliceerd
03.11.2026
Laatst bijgewerkt
03.11.2026

Een slaapapneu test is de eerste stap naar een goede nachtrust als je last hebt van luid snurken, ademstops of overmatige slaperigheid overdag. In Nederland zijn twee hoofdvormen beschikbaar: een draagbare thuismeting (cardiorespiratoire polygrafie) en een uitgebreide polysomnografie in een slaapcentrum. De huisarts beoordeelt welk onderzoek passend is en verwijst zo nodig door naar een longarts, KNO-arts of slaapcentrum. In dit artikel lees je hoe de testen werken, wat de uitkomsten betekenen en wanneer behandeling nodig is.

Samenvatting: Een slaapapneu test meet ademstops tijdens de slaap via een thuisregistratie (polygrafie) of een uitgebreide polysomnografie in een slaapcentrum, waarna de ernst wordt bepaald op basis van de apneu-hypopneu-index.

  • Obstructief slaapapneu (OSA) is de meest voorkomende vorm, veroorzaakt door ontspanning van de keelspieren die de luchtweg tijdelijk afsluit.
  • De cardiorespiratoire polygrafie (PG) is de standaard eerste stap: een draagbaar apparaat meet thuis luchtstroom, zuurstofsaturatie en ademhalingsbewegingen.
  • De polysomnografie (PSG) in een slaapcentrum voegt EEG, EOG en EMG toe en is aangewezen bij twijfelachtige thuisresultaten of vermoeden van andere slaapstoornissen.
  • De ernst wordt ingedeeld als licht (AHI 5 tot 15), matig (15 tot 30) of ernstig (30 of meer ademstops per uur).
  • CPAP-therapie is conform de FMS-richtlijn de eerste keus bij matig tot ernstig slaapapneu; een mandibulair repositie-apparaat (MRA) kan een alternatief zijn bij licht tot matig slaapapneu.
  • Diagnostisch slaaponderzoek bij medische indicatie valt onder de basisverzekering, maar het eigen risico is van toepassing.

Wat is slaapapneu en wanneer moet je het laten onderzoeken?

Onderzoek is aangewezen bij combinatie van klachten zoals snurken, ademstops en overmatige slaperigheid, zeker bij risicofactoren als overgewicht, een nekomtrek van 40 cm of meer of hoge bloeddruk. De huisarts is het eerste aanspreekpunt.

Slaapapneu is een slaapstoornis waarbij de ademhaling tijdens de slaap herhaaldelijk stopt of sterk vermindert, waardoor de slaapkwaliteit ernstig verslechtert. De meest voorkomende vorm is obstructief slaapapneu (OSA), waarbij de bovenste luchtweg tijdelijk wordt afgesloten door ontspanning van de keelspieren. Minder vaak voorkomt centrale slaapapneu, waarbij het ademhalingscentrum in de hersenen tijdelijk geen signaal stuurt.

Kenmerkende klachten zijn luid snurken, nachtelijk happen naar adem, overmatige slaperigheid overdag en concentratieproblemen. Bed- of huisgenoten merken de ademstops vaak eerder op dan de persoon zelf. Andere signalen zijn ochtendhoofdpijn, een droge mond bij het ontwaken en prikkelbaarheid.

Volgens de NHG-standaard Slaapproblemen en slaapmiddelen is onderzoek naar slaapapneu aangewezen wanneer iemand meerdere van deze klachten combineert, zeker bij aanwezige risicofactoren zoals overgewicht, een nekomtrek van 40 cm of meer, roken of een hoge bloeddruk. Ook bij mensen met diabetes type 2, hartfalen of een doorgemaakte beroerte wordt slaapapneu vaker gevonden en is tijdige diagnostiek van belang.[9][8] Thuisarts.nl en de FMS-richtlijn Diagnostiek en behandeling OSAS bij volwassenen bevestigen dat onbehandeld slaapapneu het risico op hart- en vaatziekten verhoogt en bijdraagt aan verkeersongevallen door slaperigheid achter het stuur.[4][5]

In Nederland zijn bij de diagnostiek en behandeling van slaapapneu doorgaans de huisarts, longarts en KNO-arts betrokken, soms in een multidisciplinair slaapcentrum. Mensen met (vermoedelijk matig tot ernstig) slaapapneu en overmatige slaperigheid overdag dienen extra voorzichtig te zijn in het verkeer. Het CBR stelt in de Regeling eisen geschiktheid 2000 eisen aan rijgeschiktheid bij OSAS; raadpleeg bij twijfel je huisarts voordat je blijft rijden.

Neem contact op met je eigen huisarts als je vermoedt dat je slaapapneu hebt. De huisarts beoordeelt de klachten, vraagt eventueel een vragenlijst af zoals de Epworth Sleepiness Scale of de STOP-BANG-vragenlijst en beslist of verder onderzoek nodig is.

Onderzoek Locatie Gemeten parameters Uitkomstmaat Wanneer aangewezen
Cardiorespiratoire polygrafie (PG) Thuis Luchtstroom, ademhalingsbewegingen, zuurstofsaturatie, hartfrequentie, slaaphouding Respiratory Event Index (REI), berekend op totale opnametijd Eerste stap bij vermoeden van OSA bij verder gezonde volwassenen
Polysomnografie (PSG) Slaapcentrum of ziekenhuis Alle PG-parameters plus EEG, EOG en EMG Apneu-hypopneu-index (AHI), berekend op werkelijke slaaptijd Twijfelachtige PG-uitkomst, vermoeden centrale apneu, kinderen, ernstige hart- of longaandoeningen
Geen slaapapneu Niet van toepassing Niet van toepassing AHI of REI minder dan 5 per uur Geen behandeling nodig; andere oorzaak klachten onderzoeken
Licht slaapapneu Niet van toepassing Niet van toepassing AHI of REI 5 tot 15 per uur Leefstijladviezen; MRA overwegen bij geschikt gebit en klachten
Matig slaapapneu Niet van toepassing Niet van toepassing AHI of REI 15 tot 30 per uur CPAP of MRA; leefstijladviezen altijd onderdeel van begeleiding
Ernstig slaapapneu Niet van toepassing Niet van toepassing AHI of REI 30 of meer per uur CPAP eerste keus conform FMS-richtlijn OSAS bij volwassenen

Welke testen bestaan er voor slaapapneu in Nederland?

In Nederland zijn de cardiorespiratoire polygrafie (thuismeting) en de polysomnografie (in een slaapcentrum) de twee erkende onderzoeken; de huisarts verwijst naar een longarts, KNO-arts of slaapcentrum.

In Nederland zijn twee hoofdvormen van slaapapneu-onderzoek beschikbaar: de cardiorespiratoire polygrafie (PG), ook wel beperkt slaaponderzoek of thuisslaapregistratie genoemd, en de volledige polysomnografie (PSG) in een slaapcentrum of ziekenhuis. De keuze hangt af van de ernst van de klachten, de aanwezigheid van andere aandoeningen en de uitkomst van het gesprek met de huisarts of specialist.

Cardiorespiratoire polygrafie (PG) Dit is de meest gebruikte eerste stap bij vermoeden van obstructief slaapapneu bij verder gezonde volwassenen. Een draagbaar apparaatje meet gedurende één of meerdere nachten thuis de volgende parameters:

  • Luchtstroom via neus en mond

  • Ademhalingsbewegingen van borst en buik

  • Zuurstofsaturatie in het bloed

  • Hartfrequentie

  • Slaaphouding

Belangrijk om te weten: bij een thuismeting worden geen slaapstadia geregistreerd. De uitkomst wordt daarom uitgedrukt als de Respiratory Event Index (REI), berekend op basis van de totale opnametijd. Dit kan afwijken van de AHI (apneu-hypopneu-index), die wordt berekend op basis van de werkelijke slaaptijd bij een PSG. Een REI kan daardoor iets lager uitvallen dan een AHI bij hetzelfde onderzoek. De PG is desondanks voldoende om bij de meeste patiënten een diagnose te stellen.

Polysomnografie (PSG) De PSG is het uitgebreidste onderzoek en vindt plaats in een slaapcentrum of ziekenhuis. Naast de parameters van de PG worden ook hersenactiviteit (EEG), oogbewegingen (EOG) en spierspanning (EMG) gemeten. Dit maakt het mogelijk om slaapstadia nauwkeurig in kaart te brengen en de AHI op basis van werkelijke slaaptijd te berekenen. PSG is aangewezen bij:

  • Twijfelachtige uitkomst van de thuisregistratie

  • Vermoeden van centrale slaapapneu of andere slaapstoornissen zoals narcolepsie

  • Kinderen met slaapapneu

  • Patiënten met ernstige hart- of longaandoeningen

De verwijzing voor beide onderzoeken verloopt in Nederland doorgaans via de eigen huisarts naar een longarts, KNO-arts of multidisciplinair slaapcentrum. Diagnostisch slaaponderzoek bij medische indicatie en gecontracteerde zorg valt onder de basisverzekering, maar het eigen risico is van toepassing.[4][5] Commerciële thuistesten die buiten het reguliere zorgpad worden aangeboden, worden doorgaans niet vergoed; raadpleeg je zorgverzekeraar bij twijfel.

Hoe verloopt een slaapapneu test thuis of in het ziekenhuis?

Bij een thuismeting breng je zelf sensoren aan voor luchtstroom, ademhaling en zuurstofsaturatie en slaap je in eigen bed; bij een PSG brengt een laborant alle elektroden aan en slaap je onder observatie in het slaapcentrum.

Een thuisslaapregistratie (PG) begint met een instructiegesprek, meestal in het slaapcentrum of ziekenhuis, waarbij je het meetapparaat meekrijgt en uitleg ontvangt over het aanbrengen van de sensoren. Op de avond van de meting breng je zelf de sensoren aan: een neuscanule of thermistor voor de luchtstroom, elastieken banden om borst en buik, een vingerklem voor de zuurstofsaturatie en soms een positiesensor. Vervolgens ga je op je gebruikelijke tijdstip slapen in je eigen bed. De volgende ochtend lever je het apparaat in bij het slaapcentrum of stuur je de gegevens digitaal door. De meting duurt doorgaans één nacht, maar soms worden twee nachten gevraagd voor een betrouwbaarder beeld.

Bij een polysomnografie in het ziekenhuis of slaapcentrum kom je 's avonds naar de afdeling. Een gespecialiseerde laborant brengt alle elektroden en sensoren aan, wat ongeveer een uur in beslag neemt. Naast de sensoren van de PG worden elektroden op het hoofd (EEG), naast de ogen (EOG) en op de kin (EMG) geplakt. Je slaapt in een aparte kamer die is uitgerust met een camera en microfoon, zodat het team eventuele bewegingen of geluiden kan observeren. De meeste mensen slapen ondanks de apparatuur voldoende om bruikbare gegevens te verzamelen.

Belangrijke praktische tips voor beide onderzoeken:

  • Vermijd alcohol en slaapmiddelen de avond voor de meting, tenzij anders afgesproken met het behandelteam

  • Houd je normale slaaptijden aan

  • Meld van tevoren alle medicijnen die je gebruikt

  • Draag geen nagellak of kunstnagels, omdat deze de meting van de zuurstofsaturatie via de vingerklem kunnen verstoren

  • Zorg voor een schone, droge huid op de plekken waar sensoren worden aangebracht

  • Vraag bij twijfel over het aanbrengen van de sensoren om een demonstratie

Na de meting analyseert het behandelend team, bestaande uit een longarts, somnoloog of klinisch neurofysioloog, de gegevens en stelt een rapport op.

Wat betekenen de uitkomsten van je slaaponderzoek?

De apneu-hypopneu-index (AHI) bepaalt de ernst: minder dan 5 is normaal, 5 tot 15 licht, 15 tot 30 matig en 30 of meer ernstig slaapapneu per uur slaap.

De belangrijkste uitkomstmaat van een slaapapneu-onderzoek is de apneu-hypopneu-index (AHI), die aangeeft hoeveel ademstops (apneus) en gedeeltelijke ademstilstanden (hypopneus) er gemiddeld per uur slaap optreden. Bij een thuismeting (PG) wordt in plaats van de AHI vaak de Respiratory Event Index (REI) gerapporteerd, berekend op basis van de totale opnametijd. Omdat de PG geen slaapstadia meet, kan de REI iets lager uitvallen dan de AHI bij een PSG. Het behandelend team houdt hier rekening mee bij de interpretatie.

Op basis van de AHI (bij PSG) of REI (bij PG) wordt de ernst van slaapapneu bij volwassenen als volgt ingedeeld:

  • Geen slaapapneu: AHI/REI minder dan 5 per uur

  • Licht slaapapneu: AHI/REI 5 tot 15 per uur

  • Matig slaapapneu: AHI/REI 15 tot 30 per uur

  • Ernstig slaapapneu: AHI/REI 30 of meer per uur

Deze drempelwaarden gelden voor volwassenen. Bij kinderen gelden andere, lagere grenswaarden; hiervoor wordt verwezen naar de pediatrische richtlijn van de FMS en NVKNO.[4]

Naast de AHI of REI kijkt de arts ook naar de zuurstofsaturatie: hoe diep en hoe lang daalt het zuurstofgehalte in het bloed tijdens de ademstops? Een saturatie die regelmatig onder de 90 procent daalt, wijst op een grotere belasting voor het hart en de bloedvaten.

Een lichte index zonder klachten leidt niet automatisch tot behandeling. De arts weegt de uitkomst altijd af tegen de ernst van de klachten, de aanwezigheid van risicofactoren en de invloed op het dagelijks functioneren. Conform de FMS-richtlijn Diagnostiek en behandeling OSAS bij volwassenen is CPAP-therapie (continue positieve luchtdruk via een masker) doorgaans de eerste keus bij matig tot ernstig slaapapneu. Een mandibulair repositie-apparaat (MRA) kan een optie zijn bij licht tot matig slaapapneu bij mensen met een geschikt gebit.[10][11] Leefstijladviezen maken in alle gevallen deel uit van de begeleiding. De keuze wordt in overleg met de behandelend arts gemaakt.

Als de uitslag geen verklaring geeft voor je klachten, of als er aanwijzingen zijn voor een andere slaapstoornis, kan de arts aanvullend onderzoek aanvragen. Problemen met medische hulpmiddelen zoals een CPAP-apparaat of MRA meld je bij je behandelteam of via het Landelijk Meldpunt Zorg van de IGJ. Bij plotselinge ernstige klachten zoals hevige benauwdheid of bewustzijnsverlies bel je 112; voor dringende vragen buiten kantooruren is de huisartsenpost het juiste aanspreekpunt.

Wetenschappelijke bronnen

  1. .
  2. .
  3. .
  4. .
  5. .
  6. .
  7. .
  8. .
  9. .
  10. .
  11. .

Veelgestelde vragen

Kan ik een slaapapneu test thuis doen?

Ja, de cardiorespiratoire polygrafie is een erkende thuismeting waarbij je een draagbaar apparaat meekrijgt dat luchtstroom, zuurstofsaturatie en ademhalingsbewegingen registreert. De verwijzing verloopt via de huisarts en de meting wordt bij medische indicatie vergoed vanuit de basisverzekering.

Wat is het verschil tussen een AHI en een REI bij slaapapneu?

De AHI (apneu-hypopneu-index) wordt berekend op basis van de werkelijke slaaptijd bij een polysomnografie, terwijl de REI (Respiratory Event Index) bij een thuismeting wordt berekend op basis van de totale opnametijd. Omdat de thuismeting geen slaapstadia registreert, kan de REI iets lager uitvallen dan de AHI.

Wanneer is een slaapapneu test via de huisarts nodig?

Neem contact op met je huisarts als je meerdere klachten combineert, zoals luid snurken, nachtelijke ademstops en overmatige slaperigheid overdag, zeker bij risicofactoren als overgewicht, hoge bloeddruk of diabetes type 2. De huisarts beoordeelt of verder onderzoek nodig is.


Redactionele verantwoording

De medische informatie op deze pagina is gebaseerd op erkende, wetenschappelijk onderbouwde bronnen en wordt periodiek herzien op juistheid en actualiteit. De informatie is uitsluitend bedoeld voor algemene voorlichting.

Disclaimer

Deze informatie vervangt geen persoonlijk medisch advies, diagnose of behandeling. Neem bij klachten of vragen altijd contact op met uw eigen huisarts of apotheker. Deze pagina is voorlichting en geen aanbod: of een behandeling geschikt is, wordt beoordeeld tijdens een medische consultatie.