Gewichtsverlies
12
 min leestijd

Hormoontherapie afvallen overgang: wat werkt?

Geschreven door
Bolt Med
Gepubliceerd
03.11.2026
Laatst bijgewerkt
03.11.2026

Hormoontherapie afvallen overgang: veel vrouwen vragen zich af of hormoontherapie (HT) kan helpen bij de gewichtstoename die tijdens de overgang optreedt. Door dalende oestrogeenspiegels verschuift vet naar de buikstreek, neemt spiermassa af en verandert het metabolisme. In dit artikel leest u wat hormoontherapie wel en niet doet bij gewichtstoename, welke risico's en bijwerkingen een rol spelen, welke leefstijladviezen effectief zijn en wanneer een gesprek met de huisarts zinvol is.

Samenvatting: Hormoontherapie is niet geregistreerd als middel om af te vallen tijdens de overgang, maar kan de verandering in vetverdeling enigszins afremmen als bijkomend effect bij de behandeling van erkende overgangsklachten.

  • Dalend oestrogeen tijdens de overgang veroorzaakt een verschuiving van vet naar de buikstreek en een afname van spiermassa, wat gewichtstoename bevordert.
  • Hormoontherapie (oestrogeen, al dan niet gecombineerd met progestageen) is geregistreerd voor vasomotorische klachten, urogenitale atrofie en osteoporosepreventie, niet voor gewichtsbeheersing.
  • Gecombineerde oestrogeen-progestageen therapie is bij gebruik langer dan vijf jaar geassocieerd met een licht verhoogd risico op borstkanker, veneuze trombo-embolie en, bij oudere vrouwen, cardiovasculaire effecten.
  • De Nederlandse standaardpraktijk is HT te starten vóór het 60e levensjaar of binnen tien jaar na de menopauze, in de laagste effectieve dosis en voor de kortste noodzakelijke duur, met jaarlijkse herbeoordeling.
  • Een gezonde leefstijl, met voldoende beweging, eiwitrijke voeding en goede slaap, vormt de basis voor gewichtsbeheersing tijdens de overgang, ongeacht het gebruik van hormoontherapie.
  • Gewichtstoename alleen is geen geregistreerde indicatie voor hormoontherapie; bespreek dit wel met de huisarts voor passend advies zoals een verwijzing naar een diëtist of een Gecombineerde Leefstijlinterventie.

Wat gebeurt er met je gewicht tijdens de overgang?

Tijdens de overgang verschuift vet door dalend oestrogeen naar de buikstreek, neemt spiermassa af en daalt het basaalmetabolisme, wat gewichtstoename bevordert. Slaapproblemen en vermoeidheid kunnen dit verder versterken.

Tijdens de overgang neemt het lichaamsgewicht bij veel vrouwen toe. De mate van gewichtstoename verschilt sterk per persoon en wordt bepaald door een combinatie van hormonale veranderingen, leeftijdsgerelateerde afname van spiermassa en leefstijlfactoren, zoals beschreven in de NHG-Standaard De overgang en op Thuisarts.nl.

De daling van oestrogeen is geassocieerd met een verandering in vetverdeling: vet verschuift van de heupen en dijen naar de buikstreek. Een tailleomtrek van 88 cm of meer bij vrouwen geldt in Nederland als indicator voor een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en metabool syndroom (NHG-Standaard CVRM).[1] De rol van progesteron in deze vetverdeling is minder goed onderbouwd dan die van oestrogeen; de beschikbare literatuur richt zich voornamelijk op oestrogeen.

Tegelijkertijd daalt de spiermassa met de leeftijd, waardoor het basaalmetabolisme afneemt en het lichaam minder calorieën verbrandt in rust.

Slaapproblemen, vermoeidheid en stemmingswisselingen, die veelvoorkomende klachten zijn in de overgang, kunnen indirect bijdragen aan gewichtstoename. Slechte slaap beïnvloedt hormonen die honger en verzadiging reguleren, waardoor de eetlust kan toenemen. Verminderde beweging door vermoeidheid of opvliegers kan het energieverbruik verder verlagen.

Gewichtstoename in de overgang is dus niet uitsluitend het gevolg van hormoonveranderingen. De NHG-Standaard De overgang benoemt gewichtstoename als een veelgehoorde klacht, maar benadrukt dat een gezonde leefstijl de belangrijkste pijler blijft voor gewichtsbeheersing.

Onderwerp Wat de wetenschap zegt Bron / richtlijn Praktisch advies
Gewichtstoename in de overgang Combinatie van dalend oestrogeen, afname spiermassa en leefstijlfactoren; niet uitsluitend hormonaal NHG-Standaard De overgang, Thuisarts.nl Gezonde leefstijl blijft de belangrijkste pijler voor gewichtsbeheersing
Vetverdeling en tailleomtrek Dalend oestrogeen verschuift vet van heupen naar buik; tailleomtrek 88 cm of meer verhoogt risico op hart- en vaatziekten NHG-Standaard CVRM Meet regelmatig de tailleomtrek; bespreek verhoogde waarden met de huisarts
Hormoontherapie (HT) en gewicht HT is niet geregistreerd voor gewichtsverlies; kan verandering in vetverdeling enigszins afremmen, effect is bescheiden CBG-geneesmiddeleninformatiebank (SmPC), Farmacotherapeutisch Kompas Start HT niet met als primair doel afvallen; bespreek verwachtingen met huisarts of gynaecoloog
Geregistreerde indicaties HT Vasomotorische klachten, urogenitale atrofie, preventie osteoporose bij verhoogd fractuurrisico; gewichtsbeheersing staat hier niet bij CBG-geneesmiddeleninformatiebank (SmPC) Gebruik HT alleen bij erkende indicaties, in laagste effectieve dosis en kortste noodzakelijke duur
Risico's HT op lange termijn Licht verhoogd risico op borstkanker (gecombineerde therapie, langer dan 5 jaar), VTE (oraal hoger dan transdermaal), cardiovasculaire effecten na 60 jaar SmPC via CBG, NHG-Standaard De overgang Jaarlijkse herbeoordeling door huisarts of gynaecoloog; bijwerkingen melden bij Lareb
Bewegingsadvies Minimaal 150 minuten matig intensieve aerobe activiteit per week; krachttraining op minimaal 2 dagen per week helpt spiermassa behouden Beweegrichtlijnen Gezondheidsraad Combineer aerobe activiteit met krachttraining; dagelijkse beweging telt mee
Vergoeding leefstijlondersteuning Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) en diëtetiek zijn onder voorwaarden vergoed vanuit de basisverzekering Zorginstituut Nederland Vraag de huisarts om een verwijzing naar een GLI of diëtist bij gewichtstoename in de overgang

Kan hormoontherapie helpen bij gewichtstoename in de overgang?

Hormoontherapie is niet geregistreerd voor gewichtsbeheersing, maar kan de buikvetopstapeling enigszins afremmen als bijkomend effect. Het primaire doel blijft de behandeling van erkende overgangsklachten zoals opvliegers en urogenitale atrofie.

Hormoontherapie (HT) is niet geregistreerd als behandeling voor gewichtstoename en mag niet worden voorgeschreven met als primair doel afvallen.[3][4] Wat de beschikbare wetenschappelijke literatuur laat zien, is dat HT de verandering in vetverdeling, waarbij vet zich ophoopt in de buikstreek, enigszins kan afremmen. Dit effect is bescheiden en verschilt per persoon.

Hormoontherapie bestaat doorgaans uit oestrogeen, al dan niet gecombineerd met een progestageen bij vrouwen met een baarmoeder. De goedgekeurde indicaties, zoals vastgelegd in de productinformatie (SmPC) die in Nederland beschikbaar is via de CBG-geneesmiddeleninformatiebank, zijn de behandeling van vasomotorische klachten (opvliegers, nachtelijk zweten), urogenitale atrofie en preventie van osteoporose bij vrouwen met een verhoogd fractuurrisico voor wie andere behandelopties gecontra-indiceerd zijn of niet worden verdragen. Gewichtsbeheersing staat hier niet bij. De meeste HT-preparaten die in Nederland worden gebruikt, zijn nationaal toegelaten door het CBG; centraal vergunde middelen hebben een EMA-EPAR.

Indirect kan HT bijdragen aan een actiever dagelijks leven, doordat het vasomotorische klachten vermindert en de slaapkwaliteit verbetert. Dit is echter een neveneffect en geen bewezen primair werkingsmechanisme voor gewichtsverlies. Het Farmacotherapeutisch Kompas benadrukt dat de beslissing om HT te starten altijd gebaseerd moet zijn op een individuele afweging van klachten, risicofactoren en verwachtingen, in overleg met de huisarts of gynaecoloog.

Bijwerkingen en risico's van hormoontherapie bij overgangsklachten

Gecombineerde HT verhoogt bij gebruik langer dan vijf jaar het risico op borstkanker en veneuze trombo-embolie; orale toediening geeft meer VTE-risico dan transdermale vormen. Absolute contra-indicaties zijn onder meer een voorgeschiedenis van borstkanker en actieve trombo-embolie.

Hormoontherapie gaat gepaard met bijwerkingen en risico's die zorgvuldig moeten worden afgewogen voordat een behandeling wordt gestart. Veelvoorkomende bijwerkingen in de beginfase zijn gevoelige borsten, misselijkheid, hoofdpijn, stemmingswisselingen en doorbraakbloedingen. Deze verdwijnen bij veel vrouwen na enkele weken tot maanden.

Belangrijker zijn de risico's op langere termijn:

  • Borstkanker: Gecombineerde oestrogeen-progestageen therapie is geassocieerd met een licht verhoogd risico op borstkanker bij gebruik langer dan vijf jaar.[2][15] Dit risico neemt toe met de duur van gebruik en daalt na stoppen.

  • Veneuze trombo-embolie (VTE): Orale HT verhoogt het risico op bloedstolsels. Transdermale toedieningsvormen (pleisters, gel) lijken dit risico minder te verhogen, maar de keuze hangt af van individuele factoren.

  • Cardiovasculaire effecten: Bij vrouwen ouder dan 60 jaar of meer dan tien jaar na de menopauze kan HT het risico op hart- en vaatziekten verhogen.[2][7] HT is niet bedoeld voor primaire preventie van hart- en vaatziekten of dementie.

  • Endometriumcarcinoom: Oestrogeen alleen, zonder progestageen, verhoogt het risico op baarmoederkanker bij vrouwen met een baarmoeder.[2][3]

De SmPC's van HT-preparaten, beschikbaar via de CBG-geneesmiddeleninformatiebank, noemen onder de absolute contra-indicaties onder meer: een voorgeschiedenis van borstkanker of andere oestrogeenafhankelijke maligniteit, onverklaarde vaginale bloedingen, actieve of recente arteriële trombo-embolie (zoals een hartinfarct of beroerte), actieve veneuze trombo-embolie, ernstige leverziekte, onbehandelde endometriumhyperplasie en porfyrie. De NHG-Standaard De overgang geeft gedetailleerde richtlijnen voor het bepalen van de individuele risico-batenverhouding.

Standaardpraktijk in Nederland is om HT bij voorkeur te starten vóór het 60e levensjaar of binnen tien jaar na de menopauze, te gebruiken in de laagste effectieve dosis en voor de kortste noodzakelijke duur, met een jaarlijkse herbeoordeling door de huisarts of gynaecoloog. Bij puur urogenitale klachten volstaat lokale vaginale oestrogeentherapie vaak, met minder systemische risico's.[11][12]

Vrouwen die bijwerkingen ervaren of twijfelen over hun behandeling, kunnen dit melden bij Bijwerkingencentrum Lareb.

Welke leefstijladviezen helpen naast hormoontherapie bij afvallen?

Minimaal 150 minuten matig intensieve beweging per week, krachttraining op twee dagen, een vezelrijk en eiwitrijk voedingspatroon en goede slaap zijn de meest effectieve maatregelen voor gewichtsbeheersing tijdens de overgang.

Een gezonde leefstijl vormt de basis voor gewichtsbeheersing tijdens en na de overgang, ongeacht of iemand hormoontherapie gebruikt. De combinatie van voedingsaanpassingen en voldoende beweging is het meest effectief, zoals beschreven in de NHG-Standaard Obesitas en op Thuisarts.nl.

Voeding:

  • Kies voor een gevarieerd, vezelrijk voedingspatroon met veel groenten, fruit, volkoren granen en peulvruchten.

  • Beperk bewerkte voedingsmiddelen, toegevoegde suikers en verzadigde vetten.

  • Voldoende eiwitinname helpt spiermassa te behouden, wat het basaalmetabolisme ondersteunt. Dit is extra relevant na de menopauze, wanneer spiermassa sneller afneemt.

  • Alcohol kan opvliegers verergeren en levert lege calorieën; matiging is zinvol.

Beweging:

  • De Beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad adviseren minimaal 150 minuten matig intensieve aerobe activiteit per week, zoals stevig wandelen of fietsen.

  • Spier- en botversterkende activiteiten, zoals krachttraining, worden aanbevolen op minimaal twee dagen per week. Dit helpt spiermassa te behouden en het metabolisme te ondersteunen, wat extra relevant is na de menopauze.

  • Dagelijkse beweging, zoals traplopen of korte wandelingen, telt mee.

Slaap en stressmanagement:

  • Slechte slaap en chronische stress zijn geassocieerd met vetopslag in de buikstreek. Aandacht voor slaaphygiëne en ontspanningstechnieken zoals mindfulness of yoga kan indirect bijdragen aan gewichtsbeheersing.

Thuisarts.nl benadrukt dat kleine, duurzame veranderingen in leefstijl effectiever zijn dan kortdurende diëten. In Nederland kan de huisarts doorverwijzen naar een Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI); de voorwaarden voor vergoeding vanuit de basisverzekering zijn vastgelegd door Zorginstituut Nederland.[9][10] Diëtetiek is onder voorwaarden eveneens vergoed vanuit de basisverzekering. Een diëtist kan helpen bij het opstellen van een persoonlijk voedingsplan dat aansluit bij de veranderde behoeften tijdens de overgang.

Wanneer is een gesprek met de huisarts over hormoontherapie zinvol?

Een gesprek is zinvol wanneer overgangsklachten zoals ernstige opvliegers of slaapproblemen de kwaliteit van leven merkbaar beïnvloeden en leefstijlmaatregelen onvoldoende helpen. Gewichtstoename alleen is geen indicatie voor HT, maar kan wel worden meegenomen in het gesprek.

Een gesprek met de huisarts over hormoontherapie is zinvol wanneer overgangsklachten de kwaliteit van leven merkbaar beïnvloeden en leefstijlmaatregelen onvoldoende verlichting geven. Klachten zoals ernstige opvliegers, nachtelijk zweten dat de slaap verstoort, stemmingswisselingen of urogenitale klachten zijn erkende indicaties waarvoor HT kan worden overwogen, conform de NHG-Standaard De overgang en Thuisarts.nl.

Gewichtstoename alleen is geen reden om HT te starten, omdat dit geen geregistreerde indicatie is. Wie zich zorgen maakt over gewichtstoename in de overgang, kan dit wel meenemen in het gesprek, zodat de huisarts een volledig beeld heeft en passend advies kan geven, bijvoorbeeld een verwijzing naar een diëtist, een beweegprogramma of een GLI.

Bij het gesprek is het nuttig om de volgende informatie mee te nemen:

  • Een beschrijving van de klachten en hoe lang deze al bestaan.

  • Informatie over de persoonlijke en familiegeschiedenis, zoals borstkanker, hart- en vaatziekten of trombose.

  • Huidige medicatie en eventuele andere aandoeningen.

  • Vragen over de verschillende toedieningsvormen, de verwachte duur van een eventuele behandeling en de jaarlijkse herbeoordeling.

In Nederland wordt HT voorgeschreven door de huisarts of, bij complexere situaties, door een gynaecoloog. De huisarts beoordeelt de individuele risico-batenverhouding op basis van de NHG-Standaard De overgang en streeft naar de laagste effectieve dosis voor de kortste noodzakelijke duur, met jaarlijkse evaluatie. Bij acute klachten of plotselinge, onverklaarde symptomen zoals hevige bloedingen, bel dan uw eigen huisarts. Buiten kantooruren kunt u de huisartsenpost bellen voor dringend advies. Bel 112 bij een medische noodsituatie.

Wetenschappelijke bronnen

  1. .
  2. .
  3. .
  4. .
  5. .
  6. .
  7. .
  8. .
  9. .
  10. .
  11. .
  12. .
  13. .
  14. .
  15. .
  16. .
  17. .
  18. .
  19. .
  20. .

Veelgestelde vragen

Kan ik hormoontherapie krijgen om af te vallen tijdens de overgang?

Nee, hormoontherapie is niet geregistreerd als behandeling voor gewichtstoename en mag niet worden voorgeschreven met als primair doel afvallen. De erkende indicaties zijn vasomotorische klachten, urogenitale atrofie en osteoporosepreventie.

Waarom komen vrouwen aan tijdens de overgang?

Dalend oestrogeen zorgt voor een verschuiving van vet naar de buikstreek, terwijl spiermassa en basaalmetabolisme afnemen met de leeftijd. Slaapproblemen en vermoeidheid door overgangsklachten kunnen de eetlust verhogen en beweging verminderen, wat gewichtstoename verder bevordert.

Welke leefstijlmaatregelen helpen het meest bij afvallen tijdens de overgang?

De combinatie van minimaal 150 minuten matig intensieve beweging per week, krachttraining op twee dagen per week en een vezelrijk, eiwitrijk voedingspatroon is het meest effectief. De huisarts kan doorverwijzen naar een diëtist of een Gecombineerde Leefstijlinterventie, die onder voorwaarden vergoed wordt vanuit de basisverzekering.


Redactionele verantwoording

De medische informatie op deze pagina is gebaseerd op erkende, wetenschappelijk onderbouwde bronnen en wordt periodiek herzien op juistheid en actualiteit. De informatie is uitsluitend bedoeld voor algemene voorlichting.

Disclaimer

Deze informatie vervangt geen persoonlijk medisch advies, diagnose of behandeling. Neem bij klachten of vragen altijd contact op met uw eigen huisarts of apotheker. Deze pagina is voorlichting en geen aanbod: of een behandeling geschikt is, wordt beoordeeld tijdens een medische consultatie.